Iedereen wil graag het leven leiden zoals hij of zij graag wil. Het is prettig om zelf je keuzes te maken en het is heel vervelend als er keuzes voor jou worden gemaakt waar je niet achterstaat. Dat klinkt misschien gek, maar daar kun je zelf wat aan doen.

Ze zeggen wel eens dat geld niet gelukkig maakt, maar dat is niet een gegeven. Te veel geld kan misschien wel eens ongelukkig maken, maar te weinig geld doet dat veel eerder. Hoeveel problemen ontstaan er wel niet door gebrek aan geld?

Geld is een bijzonder handig instrument om je eigen leven in te delen en je keuzes te kunnen maken. Hoe doe je dat dan?

Met financiële planning kijk je naar wat je nu uitgeeft en wat je nu binnenkrijgt. En of dit wel of niet voldoende is om je leven te leiden zoals je dat wilt. Financiële planning is ook kijken naar de toekomst. Wat is er nou fijner dan nu goed te kunnen leven, maar straks ook, én dat je je geen zorgen hoeft te maken over of je straks nog met vakantie kunt, of, nog erger, je boodschappen wel kunt betalen? Niet voor niets wordt er jaarlijks een hele week besteed aan ‘pensioen’.

Pensioen, Suf?
Hoe suf is dat, kun je bedenken. Nou, wat denk je van 1 week ‘suf’ en 51 weken ‘sprankelend’? Want die ‘suffe’ kennis kon wel eens een enorme impact hebben op je wel of niet sprankelende toekomst. Is pensioen moeilijk? Nee, in de basis is pensioen zo makkelijk als wat. Als je van elke euro die je verdient 30 cent opzij legt en je doet dit dertig jaar lang en je belegt dit ook nog eens goed, dan zou dit wel eens heel goed voor je kunnen uitpakken. In pensioenland komen we allerlei verschillende termen tegen: middelloon, beschikbare premie, lifecyclebeleggen, eigen bijdrage.

Denk aan de kern: geld opzij zetten voor later.

Lifecycle beleggen, wat is dat?
Geld dat je opzij zet voor pensioen, of je dit nu doet via een pensioenpremie, via je salarisstrook of door geld in een lijfrentecontract te storten, het wordt allemaal belegd. Alles gaat in aandelen, obligaties, vastgoed, alternatieve beleggingen zoals grondstoffen of goud. De verzekeringsmaatschappij, vermogensbeheerder of bank bepaalt op hun beurt hoe het wordt belegd en doet dat door niet alle eieren in één mandje te leggen.

Gemiddeld kan zo’n pensioenfonds hiermee wel tussen de 5 en 10% per jaar verdienen. Soms is het (veel) meer, soms is het (veel) minder. Dat golft mee op de economie. Naarmate je dichter komt bij het moment dat je je pensioen wilt laten uitkeren, kun je je minder goed enorme schommelingen veroorloven. Als jouw pensioenpotje van € 500.000,- ineens door een beursdaling € 400.000,- waard is en je hebt geld nodig voor je pensioen, dan kun je op dat moment niet rustig afwachten totdat alles weer stijgt.

Met lifecycle beleggen wordt de beweeglijkheid van jouw potje minder naarmate je dichter bij pensioen komt.
Als je dit nu weet, en je weet dat je met verantwoord beleggen dit soort principes kunt toepassen, dan kun je ook met een geruster hart beleggen binnen je pensioenpotje en dus verantwoord opbouwen. Want misschien heb je dan van die 1 euro geen 30 cent inleg nodig maar 25 cent. Het is dus altijd de balans zoeken tussen nu goed leven en straks goed leven. Dit is maar één voorbeeld. Er speelt natuurlijk meer mee met pensioen, maar om dat allemaal uit te rekenen en je de voor jou optimale mogelijkheden door te rekenen, heb je je eigen gecertificeerd financieel planner.

Maak je leven sprankelend nu en in de toekomst. En bepaal je straks zelf of je blijft werken of niet: het is aan jou.

Regelmatig wordt de vraag gesteld of obligaties nog een interessante categorie is om in te beleggen. De bovenstaande uitspraak van een bekende Nederlandse voetballer geeft wat perspectief over de actuele staat van de obligatiemarkten. Juist na de horrorperiode voor deze beleggingscategorie in dit jaar.

Het nadeel

Vrijwel nooit in de historie zijn obligaties in de breedte zo afgestraft. Alleen in 1721, 1865 en 1920 waren er grotere koersverliezen op obligaties. Dalingen van 20% en meer liggen achter ons. Als voorbeeld kunnen we de Nederlandse staatsobligatie met een looptijd van 10 jaar nemen. Deze had een effectief rendement van ongeveer 0% bij de start van het jaar en dat bedraagt nu ongeveer 2,5%. Deze rentesprong is een aardverschuiving in obligatieland en had dit jaar een koersdaling tot gevolg van ongeveer 20%.

Een dergelijke daling voor zo’n veilige belegging …..? Het geeft in ieder geval aan dat in beleggingsland op korte termijn niets in beton gegoten is. Een als defensief beschouwde categorie kwam onder grote druk te staan. Nu was het startpunt van deze obligatiecrash met een rente van nul of lager een ‘accident waiting to happen’ maar de snelheid van de rentestijging en de daarmee samenhangende daling van koersen, is dan wel opzienbarend. Als vermogensbeheerder kun je waarde toevoegen in een dergelijk moeilijk scenario, door minder in obligaties te beleggen, de looptijd van de obligatiebeleggingen te verkorten en ook inflatie-linked obligaties toe te voegen die (deels) meegroeien met de inflatieverwachtingen. Dat heeft vermogensbeheerder OAKK toegepast en daarmee de schade stevig kunnen beperken, al beseffen wij goed dat deze voor defensieve profielen nog steeds hoog is.

Het voordeel

Wij weten niet of de rentestijgingen over zijn en daarmee de koersdalingen van de obligaties. Wel weten we dat de effectieve rendementen op obligatieportefeuilles weer op een dusdanig niveau zijn, dat die op de lange termijn sterker positief gaan bijdragen aan het portefeuillerendement. Dat betekent in de essentie dat de categorie weer interessanter is geworden voor beleggers. Indien de renteverhogingen de inflatie temmen en de economie afkoelen, zal de categorie zelfs koersstijgingen kunnen opleveren.

Kortom; in tegenstelling tot slechts 9 maanden geleden is de categorie obligaties weer een stuk interessanter geworden voor beleggers. Dat zie je ook terug in de rendementsprognoses van de OAKK-profielportefeuilles, waarbij die van defensieve profielen vooral zijn toegenomen. Hiermee willen wij geen advies geven over een bepaald risicoprofiel maar vooral aangeven dat de afgelopen periode ook een goede keerzijde kent.

Mocht u hierover nog vragen hebben of meer willen weten of dat dit voor u passend zou kunnen zijn, neem dan eens contact op met een gecertificeerd Financieel Planner.

Meer en meer consumenten zijn zich bewust van risico’s rond klimaatverandering en de opwarming van de aarde voor onze samenleving. Dit heeft geleid tot een grotere vraag naar duurzame beleggingsproducten. De verwachting is dat niet alleen de belangstelling van particuliere beleggers voor duurzame producten groeit, maar dat de vraag in de komende vijf jaar zelfs kan verdubbelen.

Op dit moment zijn het nog vooral de professionele beleggers – zoals pensioenfondsen en verzekeringsmaatschappijen – die de risico’s en kansen van klimaatverandering in hun beleggingsstrategie en -beleid opnemen. Maar ook financieel planners nemen duurzaam en groen beleggen mee in hun advisering. Dat is noodzakelijk om te voorzien in jouw vraag en verder om onze leefomgeving te beschermen tegen onverantwoorde praktijken van bedrijven die ten koste van alles de winst willen vergroten.

Als we het hebben over duurzaam beleggen, dan denken veel mensen al snel aan klimaat en milieu. Maar het begrip ‘duurzaamheid’ omhelst veel meer. Ook sociale factoren zijn namelijk belangrijk om rekening mee te houden. Als je bijvoorbeeld weet dat jouw zonnepanelen in China zijn gefabriceerd door dwangarbeiders, dan kijk je als consument wellicht toch anders naar dit soort ‘groene’ producten. Aanbieders van groene en duurzame beleggingsproducten zullen met voorgaande rekening houden en verder bedrijven uitsluiten van hun beleggingsbeleid, wanneer zij betrokken zijn bij bijvoorbeeld: bonthandel, dierproeven, discriminatie, dwangarbeid of uitbuiting, genetische manipulatie, jacht op bedreigde diersoorten, kansspelen, kap en handel in tropisch hardhout, kernenergie, kinderarbeid, schending van de mensenrechten en wapenproductie of wapenhandel.

ESG en PPP
Om te meten hoe maatschappelijk verantwoord een bedrijf is, krijgen deze van speciale beoordelaars een ESG-score. Op deze manier kun je eenvoudig zien hoe duurzaam en groen een bepaalde belegging is. De afkorting ESG staat voor Environmental, Social en Governance. De ‘E’ ziet toe in welke mate een bedrijf bijdraagt aan de klimaatverandering, hoe zij omgaat met het gebruik van fossiele brandstoffen en bijdraagt aan (lucht)vervuiling en ontbossing. De ‘S’ gaat over onder andere kinderarbeid, moderne vormen van slavernij en werknemersrechten. De diversiteit binnen het bestuur van een bedrijf, de mate van corruptie en een verantwoord beloningsbeleid kan worden afgeleid uit ‘G’.

Naast ESG-factoren spelen verder de drie P’s een belangrijke rol binnen duurzaam en groen beleggen. De drie P’s staan voor People (mensen), Planet (planeet – de aarde) en Profit (winst). Bij ‘mensen’ moet worden gedacht aan sociale rechten, waarbij bijvoorbeeld gekeken wordt naar mensenrechten. Hoe bedrijven omgaan met het milieu – afvalverwerking en productieproces – valt onder ‘planeet/ de aarde’. Bij ‘winst’ wordt niet alleen gekeken naar hoeveel winst er geproduceerd wordt, maar ook naar andere economische factoren.

Grijze en groene producten
Financiële producten worden door middel van wetgeving – Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR) – in één van de volgende drie categorieën geplaatst. Artikel 6 voor fondsen die geen duurzaamheidsafwegingen meenemen (aangeduid met de kleur grijs), artikel 8 voor fondsen die duurzaamheid promoten (aangeduid met de kleur lichtgroen) en artikel 9 voor fondsen die duurzaam beleggen als doel hebben (donkergroen). Een voorbeeld van productaanbieders met artikel 9-producten zijn ASN en Triodos, maar ook wereldwijd bekende fondshuizen als Amundi, Black Rock (Ishares) bieden artikel 9-producten aan.

Impact op rendement
Beleggen in duurzame beleggingsproducten levert niet alleen een positieve bijdrage aan de strijd tegen een betere wereld, het kan ook leiden tot betere verwachte resultaten voor jou als belegger.

Stel, je kunt kiezen tussen een traditionele aandelenportefeuille en een duurzame aandelenportefeuille, waarvan bewust niet-duurzame en minder klimaatweerbare bedrijven zijn uitgesloten. De duurzame portefeuille heeft daardoor een significant andere invulling dan de traditionele portefeuille. Deze portefeuille zal hoogstwaarschijnlijk beter presteren dan een traditionele portefeuille, wanneer ervan uitgegaan wordt dat de temperatuur op aarde met twee graden Celsius zal stijgen.

Een financieel planner kan de voordelen van deze duurzame portefeuille ten opzichte van de niet-duurzame portefeuille doorrekenen op basis van verwacht risico en rendement. Omdat een aantal regio’s en sectoren waarschijnlijk sterker door economische hervormingen en andere klimaatontwikkelingen wordt getroffen dan andere, kan dit leiden tot een hoger rendementsperspectief voor de duurzame portefeuille. En dit laatste is weer van belang om te weten of het product aansluit bij jouw wensen en doelen.

Lijkt duurzaam, is het niet
Sinds vorig jaar gelden er nieuwe Europese regels die duurzaam beleggen transparanter moeten maken. Naar aanleiding daarvan deed onze toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM) onderzoek bij Nederlandse beleggingsfondsen. Daaruit blijkt dat 57% van de 1.250 Nederlandse fondsen volgens de beheerder geen duurzame kenmerken heeft. Ook plaatst AFM vraagtekens bij de duurzaamheid van fondsen die volgens de fondsbeheerders wel duurzaam zijn.

Goed te weten is dat onze overheid een aantal fiscaal erkende groenfondsen heeft aangewezen. Het voordeel hiervan is dat je een fiscale korting krijgt van € 61.215 per persoon (doe je samen met jouw fiscaal partner aangifte, dan geldt het dubbele bedrag). Op deze manier betaal je minder ‘vermogensbelasting’. Naast deze vrijstelling heb je ook nog recht op een extra heffingskorting van 0,7% over het vrijgestelde bedrag. Helaas zijn de meeste duurzame en verantwoorde beleggingsfondsen en ETF’s (indexfondsen) niet duurzaam genoeg om aan de richtlijnen voor groene beleggingen te voldoen.

Een CFP-Professional is een deskundig en gecertificeerd financieel planner die jou graag helpt met het nemen van bewuste, groene en écht duurzame beleggingsbeslissingen. Deze leiden er vervolgens toe dat ook jouw persoonlijke doelen dichterbij komen!

Onze rol als uw onafhankelijk financieel adviseur is samen met u de beste financiële beslissingen nemen. Per persoon zijn deze beslissingen anders. En dat is logisch, want uw leven is anders dan die van uw buren, vrienden of familie.

Toch zien wij vaak vergelijkbare zaken bij onze klanten. Zo heeft bijna iedereen een verzekering nodig, sluit bijna iedereen een hypotheek af en bouwen de meeste klanten vermogen op via een beleggingsrekening. Dat laatste is nodig door de lage spaarrente, terugtrekkende overheid en behoefte aan een beter pensioen. Daarom kiezen veel van onze klanten voor een beleggingsrekening bij een vermogensbeheerder. Maar hoe levert beleggen via een vermogensbeheerder een beter resultaat op?

1. Ratio: Zelf beleggen kost u rendement
Eerder schreven wij vaak over het gevaar van emotie bij beslissingen over geld. We zijn allemaal vatbaar voor ons gevoel als het onrustig wordt op de beurzen. Of het nu gaat om een daling of juist een harde stijging. Vaak hebben we dan het gevoel dat we actie moeten ondernemen. Dit gevoel is vaak niet rationeel. Daarom vinden wij het verstandig om de beleggingskeuzes uit te besteden aan een partij die objectief naar uw situatie kijkt. Deze partij maakt overwogen keuzes op basis van ratio. Onderzoek van onder andere Vanguard (een grote Amerikaanse vermogensbeheerder) wijst uit dat beleggers die zelf keuzes maken, 1% tot 1,5% minder rendement per jaar maken. Vaak komt dit door verkeerde handelingen op het verkeerde moment.

2. Spreiding: Hoe profiteert u van een Nobelprijswinnaar?
Spreiding betekent dat specifieke gebeurtenissen weinig tot geen invloed hebben op het rendement. Een voorbeeld is een faillissement van een bedrijf. Stel dat een bedrijf omvalt, dan bent u als belegger uw geld kwijt. Belegt u in meerdere bedrijven, dan wordt uw verlies zoveel kleiner dat het slechts een kleine rimpeling is in het rendement. Een vermogensbeheerder zorgt doorlopend voor de goede spreiding. Door de portefeuille aan te passen en rekening te houden met de onderliggende bewegingsverbanden die er tussen beleggingscategorieën zijn. Dit laatste klinkt lastig en is het ook wel. Gewoon even een aandelenindex kopen en niets meer doen is te simpel. Een betere spreiding is mogelijk, waardoor uw risico acceptabel blijft, maar het resultaat verbetert. Professor Harry Markowitz deed hier jarenlang onderzoek naar en won een Nobelprijs. Door gebruik te maken van zijn efficiënte portefeuilletheorie wordt een portefeuille optimaal gespreid. Hierbij wordt dan rekening gehouden met het bewegingsverband (correlatie) tussen de verschillende beleggingscategorieën.

3. Discipline: Dit kan u 1,7% extra rendement opleveren
Een goed beleggingsrendement ontstaat ook door discipline. Met discipline bedoelen we: vasthouden aan uw strategie. Stel u gaat beleggen. Dan moet u een bepaalde beleggingsstrategie kiezen. Gaat u 100% in de aandelen? Of 50% in aandelen en 50% in obligaties? U kiest een beleggingsstrategie op basis van uw persoonlijke en financiële situatie. Hoe lang wilt u beleggen? Wat is uw doel? Hoeveel geld kunt u missen? En welk risico wilt u lopen? Om ‘discipline’ uit te leggen nemen we de 50/50 beleggingsstrategie als voorbeeld. In het jaar 2020 stegen de beurzen in de eerste 6 weken hard, dus met andere woorden: aandelen stegen. De beleggingsportefeuille groeide daardoor scheef. De portefeuille bestond nu opeens uit 70% aandelen en 30% obligaties. Klinkt positief, goedlopende aandelen, maar dat is het niet. U belegt namelijk niet voor niets in een beleggingsstrategie met 50% aandelen en 50% obligaties. Deze strategie past bij uw situatie. Discipline betekent dus dat een deel aandelen verkocht moeten worden en obligaties gekocht, zodat de portefeuille weer in balans is. Na deze 6 weken kwam er een beurscrash door de coronapandemie. De situatie was nu omgedraaid: aandelen daalden en obligaties stegen. Ook hierna moet de portefeuille weer in balans gebracht worden. Dit in balans brengen van de portefeuille gaat tegen onze natuur in. Want waarom zou je goedlopende aandelen of obligaties verkopen? Een vermogensbeheerder maakt deze strategische keuzes voor u. Dit gedisciplineerd in balans brengen van de portefeuille leverde vermogensbeheerders vaak een extra rendement op van zo’n 1,7%!

4. Kosten: Een vermogensbeheerder kost wat, maar levert ook wat op
Een vermogensbeheerder kost u geld. U betaalt namelijk voor het werk dat zij voor u doen. Levert een externe partij dan wel genoeg waarde voor de vergoeding die u hen betaalt? Onze ervaring is dat dit zeker zo is. Dit komt door een aantal zaken. Allereerst kunnen vermogensbeheerders vaak beter aankopen dan de doe-het-zelf belegger. Het is als inkopen als een groothandel. Een vermogensbeheerder krijgt soms dezelfde producten tegen lagere kosten. Daarnaast kiezen vermogensbeheerders waarmee wij werken zoveel mogelijk voor fiscale beleggingsinstellingen (FBI’s). Dit betekent dat u daarmee uw betaalde dividendbelasting kunt terugvragen. Dit is gunstig natuurlijk. Ook kan een vermogensbeheerder door betere spreiding, discipline en een doordacht beleggingsbeleid, een beter netto rendement behalen dan de index die u zelf zou kunnen kopen. Een laatste voordeel is dat u uw kostbare tijd aan iets anders kunt besteden dan het in de gaten houden van uw beleggingen. Dit is zeker geld waard. Net zoals sommige mensen een schoonmaker inhuren of een financieel adviseur 😉

5. Koers houden: Beleggen is geen doel op zich
Doordat u via ons bij een vermogensbeheerder belegt, krijgt uw belegging meer richting. Uw vermogensbeheerder zal in overeenstemming met ons uw portefeuille blijven aansluiten op uw situatie en uw wensen. Uw belegging is namelijk altijd onderdeel van een persoonlijk financieel plan. Beleggen is dus geen doel op zich en we zetten het alleen in als het past bij uw situatie. Wij  werken alleen samen met vermogensbeheerders die onze rol daarin erkennen. Dit zorgt dat uw vermogen op de juiste manier wordt opgebouwd en u niet te weinig of juist te veel risico neemt met uw belangrijke vermogen. Meerdere onderzoeken tonen aan dat beleggers die vermogen opbouwen via adviseurs en vermogensbeheerders tot wel 3,75% extra rendement kunnen krijgen!

Wilt u hierover in gesprek? Neem gerust vrijblijvend contact hierover op met ons.

Wie kent ze inmiddels niet, de Bitcoin, Ethereum of de Litecoin? Het zijn alle drie cryptocurrencies of cryptovaluta, digitale munten waarmee je veel geld kunt verdienen of verliezen. Wat is het precies en hoe kun je ermee omgaan?

We kennen allemaal het begin van het verhaal. In mei 2010 werd er voor 20.000 bitcoin (BTC) een pizza gekocht. De pizza kostte omgerekend 25 Amerikaanse dollar. Wie vandaag de dag 20.000 BTC heeft, is multimiljonair. De koers fluctueert zo’n beetje iedere seconde, maar een waarde van € 39.000 is een prijs voor 1 BTC die de afgelopen weken is gerealiseerd. 20.000 BTC zou vandaag dus € 740 miljoen waard zijn. Achteraf een dure pizza…

Wat is een cryptovaluta?

Inmiddels zijn er duizenden digitale munten. De Bitcoin is verreweg de meest verhandelde munt. Er is voor ongeveer 822 miljard dollar aan Bitcoins in de wereld. De nummer 2, Ethereum, heeft 346 miljard, Uniswap, nummer 10 van dit moment, heeft een totaal van 15 miljard dollar aan digitale munten wereldwijd. Een digitale munt is een rekeneenheid in de blockchain, de keten van automatische computerhandelingen die vastlegt wat een digitale munt is, hoeveel ervan zijn en welke transacties er plaatsvinden. Er is dus nergens een fysieke munt of een fysiek bankbiljet, er ligt ook nergens een hoopje goud als tegenwaarde.

De bekendste, de Bitcoin, dankt zijn waarde alleen aan het gebruik, aan vraag en aanbod. Verder is het lucht. Sommige andere munten zijn gekoppeld aan een project of een bedrijf, zodat er nog iets van een extra waarde kan zijn. Die munten lijken dan een beetje op aandelen in een bedrijf, soms is dat ook zo.

Wat is blockchain?

Om met digitale munten te kunnen werken is er onderliggend een blockchain nodig. Een blockchain is een ‘keten van blokken’ met informatie, een soort keten van computerprogramma’s. In de blockchain kun je van alles vastleggen. Je kunt een bepaalde koop of verkoop administreren, je kunt een transportverzekering afsluiten, je kunt er in vastleggen dat je een eigen digitale munt gaat uitgeven of je kunt er bestaande digitale munten in verhandelen. De blockchain is soms een fabriek die van alles maakt, soms een snelweg waarover alles loopt.

Belangrijk: doordat heel veel computers via het internet aan elkaar zijn gekoppeld en toestemming moeten geven voor een bepaalde actie, kan er niet of nauwelijks mee gemanipuleerd worden. En dat maakt een proces dat via de blockchain loopt veiliger, transparanter en sneller.

Hoe kun je crypto’s kopen en verkopen?

Om rechtstreeks in bijvoorbeeld Bitcoin te kunnen handelen, heb je een ‘wallet’ nodig, een online portemonnee. Je opent een soort online bankrekening. Dat doe je bij bekende partijen als Binance, Coinbase, Kraken of een kleinere, minder bekende wallet. Je stort daar vanaf je Nederlandse bankrekening of via een creditcard euro’s of dollars op en die worden omgezet in bijvoorbeeld Bitcoin. Het overboeken van Bitcoin loopt vanaf je saldo bij zo’n wallet. Een ‘bankrekening’ is dan een opsomming van letters en cijfers geworden. En een overboeking gaat razendsnel en goedkoop. Alles is digitaal en gaat realtime, al zie je nog wel vertragingen onderweg.

Is het veilig?

Wat is veilig? Blockchain als zodanig is veilig, want duizenden computers zorgen ervoor dat een transactie veilig verloopt. De onveiligheid zit meer in andere aspecten. Allereerst je wachtwoord. Ben je dat kwijt, dan ben je ook je saldo kwijt. Het is allemaal zo goed beveiligd (en anoniem) dat je niet even makkelijk een vergeten wachtwoord kunt opvragen. En is een wallet veilig? Niet altijd. Er zijn voorbeelden van fraude, waarbij een wallet zomaar verdwenen is. Een grote, betrouwbare partij is dus geen luxe.

Is het risicovol?

En dan de waarde, die is niet stabiel. De Bitcoin bijvoorbeeld staat nu rond de 39.000 euro, maar heeft ook al boven de 50.000 euro gestaan. Vorig jaar was dat nog 10.000 euro. Of de koers naar 100.000 euro gaat of naar 1.000 euro, is niet te voorspellen. Optimisten geloven in de kracht van de Bitcoin als een nog veel meer gebruikt betaalmiddel, waardoor de vraag toeneemt en de koers stijgt. Vooralsnog hebben ze het gelijk aan hun kant.

Kunnen we meer zeggen over de toekomst?

Een land als El Salvador wil de Bitcoin als wettig betaalmiddel toestaan. En grote bedrijven accepteren de Bitcoin als betaalmiddel. Pessimisten vinden dat de Bitcoin alleen lucht is en dat overheden met eigen antwoorden, eigen digitale munten, gaan komen, waardoor de Bitcoin overbodig zou worden.

Ga jij investeren in crypto?

Wie in cryptovaluta wil beleggen, kan dit dus rechtstreeks doen via een ‘wallet’. Hier is totaal geen financieel toezicht op. Beleggen in cryptovaluta kan ook op een gereguleerde beurs door trackers of ETF’s te kopen. Dat zijn in feite een soort beleggingsfondsen die onder normaal toezicht staan. Of je in aandelen, obligaties, goud, vastgoed of crypto’s belegt, maakt dan niet uit. Raak je hier een wachtwoord kwijt, dan zal dat minder erg zijn. De crypto’s zijn namelijk niet in je eigen bezit, want je hebt een beleggingsfonds.

De vraag is dan wel: is dit beleggen of speculeren? Een belegger investeert doorgaans voor de langere termijn en een speculant probeert juist in te spelen op de koersbewegingen om op korte termijn rendement te behalen. Naarmate de voorgeschotelde rendementsverwachting hoog is, is doorgaans ook het risico hoog.

Een gecertificeerd financieel planner helpt je graag te bepalen of beleggen in of speculeren met crypto’s geschikt is in jouw financiële situatie.

De laatste weken is er veel verschenen in de pers over een mogelijke beurscrash. Eens in de zoveel tijd is de beurs toe aan een correctie en soms is dat een crash. Wat moet je doen als je een beurscrash verwacht?

Wat is een correctie en wat is een crash?
Het is algemeen bekend dat een aandelenbeurs met haar koersen geen rechte lijn kent, de beurs heeft ups-and-downs. Een koersval van enkele procenten in een dag kan gemakkelijk gebeuren. Wie een aandelenportefeuille van 10.000 euro heeft, kan dus gemakkelijk zijn portefeuille honderden euro’s in waarde zien dalen. Dat is niet leuk, maar de wetmatigheid van de beurs laat zien dat dit vaak tijdelijk is.

De volgende dag of de volgende week kan dit ‘papieren verlies’ al weer zijn goed gemaakt. Hoewel iedereen hier een andere mening over kan hebben, is een gangbare benadering dat een val van maximaal 10% een correctie heet en dat een verlies van rond de 20% of 30% in een aantal dagen of weken een crash wordt genoemd.

Is de geschiedenis ook de toekomst?
De geschiedenis laat zien dat een beurscrash vaak samenvalt met een onverwachte gebeurtenis, een gebeurtenis die bijna niemand van tevoren heeft zien aankomen of heeft voorspeld. Deze gebeurtenissen hebben vaak een enorme impact op de wereld en zijn veelal schadelijk voor de welvaart. De huidige corona-crisis zou dus kunnen leiden tot een crash. Maar geschiedenis wil niet zeggen dat de toekomst er exact zo uitziet. Het is altijd weer net even anders.

Maar wat kan je doen als je toch een beurscrash verwacht? Kan je je hier wel tegen wapenen? Belangrijk is terug te gaan naar de basisvragen bij beleggen.

Past beleggen wel bij jou?
Allereerst, beleggen moet bij je passen. Zowel emotioneel als financieel. Als je wakker ligt van een mogelijke koersval en je leven wordt er door bepaald, is beleggen waarschijnlijk minder geschikt voor je. Heb je het geld meteen of op korte termijn nodig, ook dan: beleg niet. Beleggen is voor diegene die emotioneel kan overzien dat aandelenkoersen nu eenmaal fors kunnen bewegen en die het financieel aan kan een lange periode niet om te kijken naar zijn belegde vermogen.

Onderzoek van Fidelity
Fidelity, heel wat jaren geleden één van ’s werelds grootste beleggers, liet zien dat als je in 1980 10.000 Amerikaanse dollar had geïnvesteerd en je had nooit bijgekocht en nooit verkocht, je dan na veertig jaar ruim 697.000 Amerikaanse dollar aan waarde zou hebben gezien. Zou je ieder jaar wel hebben gekocht en verkocht en net de vijf beste beursdagen hebben gemist, dan zou dit bedrag slechts 432.000 dollar zijn geweest. En zou je de vijftig beste dagen hebben gemist (dan handel je zo’n beetje iedere week en ben je een erg actieve belegger) dan zou dit slechts 48.000 dollar zijn geweest na veertig jaar. En had je door heel veel te handelen en actief in en uit de markt te stappen bijna 650.000 dollar aan waarde hebben laten liggen.

Wat wil Fidelity ons met die cijfers vertellen?
Dat het belangrijk is dat je niet te veel handelt en niet teveel doet aan stockpicking (dit is het selecteren van aandelen waarvan een goed rendement wordt verwacht). Het is razend moeilijk om de juiste keuzes te maken. Dat geldt voor professionals, maar nog meer voor mensen die geen directe toegang tot informatie hebben en afhankelijk zijn van wat er in de pers verschijnt. De cijfers van Fidelity zijn dan ook gebaseerd op een hele index, namelijk de 500 aandelen die in Standard and Poor’s 500 zitten.

Daarmee zien we een tweede boodschap die heel belangrijk is: spreiding
Ook spreiding kan niet voorkomen dat je (tijdelijk) verlies lijdt. Markten als geheel gaan nu eenmaal omhoog en omlaag, over de hele breedte. Spreiding zorgt er wel voor dat je als belegger niet bent overgeleverd aan één of een paar bedrijven, met wie het misschien toevallig veel minder goed gaat dan het hele mandje van 500 bedrijven in dit geval.

De geschiedenis leert ons dat ‘timing’ structureel niet mogelijk is. Wie overweegt te beleggen of al in de markt zit, dient zich af te vragen wat voor belegger hij of zij is. Die keuze is het belangrijkste, een gecertificeerd financieel planner helpt bij het beantwoorden van die vraag. De vraag hoe te beleggen, wordt dan logischerwijs beantwoord na die basisvraag. En daar hoort dan weer veel marktinformatie bij. Want kennis is macht. Ook bij beleggen. Of er een beurscrash komt, is dan opeens niet meer zo relevant. Wel of beleggen bij je past en zo ja, hoe je dit het beste kunt inzetten voor je persoonlijke doelen. Interesse? Neem eens vrijblijvend contact op met een financieel adviseur.

Als 2020 het jaar van het virus is, dan is 2021 het jaar van de vaccins.

Financiële markten rekenen er op, dat voor de zomer er sprake kan zijn van een terugkeer naar normaal, hoewel de huidige stand van zaken rondom corona nog veel onzekerheid geeft. Er is wel veel geld beschikbaar bij consumenten door spaaroverschotten wat vroeg of laat een flinke impuls aan de economie moet kunnen geven. Een belangrijke vraag is of de inflatie gaat oplopen en welke uitwerking dat heeft op de rentestand. Het meest waarschijnlijke scenario is dat inflatie gaat toenemen maar de rente niet in dezelfde mate. Dat is op zichzelf niet direct slecht nieuws voor aandelenmarkten maar wel slecht voor obligaties en spaargeld vanwege de reële geldontwaarding.

Wat te doen met obligaties (en spaargeld) is dan ook een thema waar wij veel aandacht voor hebben. Eenvoudige antwoorden zijn er niet. Je kunt het toenemende risico dat hangt aan obligaties, door de uiterst lage of zelfs negatieve rendementen, niet zo maar afwentelen door meer in aandelen te gaan beleggen. Deze beleggingscategorie brengt nu eenmaal weer meer risico met zich mee. Een andere weg is door meer te spreiden over andere bronnen van rendement met de toevoeging van bijvoorbeeld alternatieve fondsen. Bredere spreiding is dan ook ons antwoord op de vraag naar risicobeperking.

Wat is voor u nu het beste? Graag kijken wij met u mee naar mogelijke oplossingen die goed aansluiten bij uw persoonlijke wensen. Neem hiervoor eens vrijblijvend contact op!

De meeste slechte beleggingsresultaten worden veroorzaakt door verkeerde emotionele keuzes. De rol van de adviseur is daarom om klanten te coachen naar het behalen van hun doel(en). En met name in onrustige tijden, privé maar dus ook bij onrust in de wereld, zorgt de adviseur dat zij op het juiste pad blijven.

Het coronavirus

De beurs kan ik niet voorspellen, maar ik durf wél met 100% zekerheid te zeggen dat u over dit virus heeft gehoord. De impact op de Chinese economie is groot zoals u zult verwachten. Eind januari 2020 zorgde het virus ervoor dat de AEX met zo’n 2,5 procent zakte. En daarna volgden nog veel grotere dalingen. Dit maakt veel beleggers onrustig. En wat doen beleggers die geen goede begeleiding hebben? Juist. Zij maken verkeerde keuzes. Ze verkopen hun aandelen op lage koersen. En trekt de markt weer aan? Dan kopen ze weer bij. Op hoge koersen. Hierdoor maken ze dus veel kosten en verliezen ze rendement.

Vermogensbeheerders zien dit gedrag bij hun eigen klanten

In het verleden deden vermogensbeheerders onderzoek naar de beleggingsprestaties van hun klanten. Wat bleek? Klanten die simpelweg waren vergeten dat ze een beleggingsrekening hadden (en heel crue… overleden klanten), haalden betere beleggingsresultaten dan actieve beleggers. Een bijzondere constatering!

Mijn advies

Belegt u? Vergeet het! Het deel van de ‘overleden klanten’ in het onderzoek was niet waar, maar de boodschap blijft nog steeds; oogjes dicht, snaveltjes… nou ja… toe… Als adviseur vliegen de statistieken je nu om de oren. Vergelijkingen met de uitbraak van SARS of Ebola. Wat was de impact van het virus? Hoe herstelde de economieën zich toen? Enzovoorts, enzovoorts.

Hebben we iets aan die informatie? Nee. U belegt voor de lange termijn en u heeft een duidelijk doel voor ogen. Houd dat doel vast en mijd ondertussen dit soort nieuws. En laat uw belegde vermogen beheren door de specialisten!

Hoe zorgen we samen dat u het rendement haalt dat u nodig heeft? Wat is een gouden tip om te zorgen dat u minder last heeft van beursdalingen?

Om uw financiële doelen te halen, heeft u een goede beleggingservaring nodig. Onderzoek toont namelijk aan dat mensen die onrust hebben over hun beleggingen, slechtere beleggingsresultaten halen (onderzoek door DALBAR). Hoe minder stress iemand ervaart, hoe minder vaak gehandeld wordt op basis van emotie. De kans op een hoger rendement is daardoor groter en het behalen van uw doelen ook. Zo is het cirkeltje weer rond.

Wat is dan de grote truc om betere beleggingsresultaten te halen?
Het is simpel. Ga maandelijks een vast bedrag inleggen! Oftewel: periodiek inleggen. Dit kan al vanaf 100 euro per maand. Periodiek inleggen zorgt ervoor dat u profiteert van het zogenaamd ‘gemiddeld aankopen’. Omdat u beleggingen aankoopt voor hoge én lage prijzen op willekeurige momenten, betaalt u een gemiddelde prijs voor uw aandelen. Zou u in één keer voor een hoger bedrag aandelen aangekocht hebben, terwijl de koersen hoger staan (en de aandelen dus duurder zijn)? Dan krijgt u minder waar voor uw geld. Maar is het dan niet duurder om elke maand aandelen aan te kopen in plaats van alles in één keer? U betaalt tenslotte telkens élke maand weer aankoopkosten.
Het antwoord is gelukkig ‘nee’. Stel u heeft 1.200 euro om te beleggen en over dit bedrag worden aankoopkosten gerekend van laten we zeggen 1%. Koopt u in één keer beleggingen aan van deze 1.200 euro? Dan betaalt u 1% aankoopkosten, dus 12 euro. Verdeelt u deze 1.200 euro over een heel jaar? Met andere woorden: u legt periodiek in. Dan betaalt u elke maand 1% aankoopkosten over 100 euro. Dus 1% x 100 x 12 = 12 euro. De aankoopkosten blijven in totaal dus hetzelfde.

Ook dit is handig aan periodiek inleggen
Door automatisch een vast bedrag in te leggen, haalt u de emotie uit uw aankoopbeslissing. Uw beleggingservaring wordt daardoor beter, want u ziet minder snel een daling in uw portefeuille. Ik zal dit uitleggen. U heeft twee mogelijkheden:
1. Eenmalig 2.400 euro inleggen
2. Eenmalig 1.200 euro inleggen en dan maandelijks 100 euro storten. Dus in totaal ook 2.400 euro.

Dit zijn uw resultaten:

U ziet dat de periodieke inleg (de blauwe lijn) u een perceptievoordeel geeft. In de grafiek ziet u een mooie opgaande blauwe lijn. Dit voelt natuurlijk een stuk prettiger. Ondanks een negatief rendement van -10% in de eerste maand, stijgen uw beleggingen. Elke maand komt er namelijk weer 100 euro bij. De andere oranje lijn ziet er minder rooskleurig uit, want die is vlakker. U ziet pas na tien maanden een positief resultaat.

Nóg een voordeel van periodiek inleggen
Met periodiek inleggen voegt u automatisch discipline toe aan uw beleggingsplan. Waarom? Met een automatische incasso legt u vanzelf in. Dit betekent dat het geen moeite kost om bij te storten en elke storting brengt u dichterbij uw doel. Het is makkelijker vol te houden dan wanneer u bewust moet besluiten om bij te storten. Irrelevante zaken als: de stand van de beurs of berichten over Trump zorgen dan vaak voor twijfel, en dus uitstel. En geloof me, u kunt van tevoren bedenken dat u rationeel omgaat met zulke nieuwsberichten. Maar toch… als het daadwerkelijk gebeurt komt er altijd emotie bij kijken.

Kortom
Periodiek beleggen zorgt in het begin voor een goed gevoel en discipline. Dit is nodig om ervaring op te doen als belegger. Daarnaast zorgen de extra stortingen voor een grotere kans op het behalen van uw doelvermogen.

Eén nadeel moet ik overigens wel benoemen.
Stel, u heeft een aanzienlijk bedrag om te beleggen. In plaats van dat u dit bedrag in één keer inlegt, gaat u dit grote bedrag maandelijks inleggen. U profiteert daardoor minder van de kracht van de beurs. Hoe zit dit? Beleggen doet u voor de lange termijn. En hoe langer uw vermogen kan profiteren van rente op rente, hoe hoger het verwachte eindbedrag wordt. Als uw vermogen dus langs de zijlijn staat te wachten, dan levert het vaak op termijn minder op.

Ik kan u helpen om hierin slimme keuzes te maken. Wilt u meer weten over succesvol vermogen opbouwen en het bereiken van financiële doelen? Neem vooral contact op met mij. Samen zoeken we uit hoe we uw vermogen strategisch het beste kunnen inleggen om een mooi beleggingsresultaat te krijgen.

 

Wie belegt, neemt risico. Dat mag duidelijk zijn. Als je belegt, neem je op een bepaalde manier deel aan de economie en de economie kent nu eenmaal zijn ups en downs. Wie spaart neemt ook deel aan de economie, maar staat langs de zijlijn. Wie spaart krijgt een vergoeding voor geld dat hij of zij beschikbaar stelt aan de bank en de bank gaat met dat geld aan de slag. In principe loop je geen risico, als de bank in kwestie niet failliet gaat. En zelfs als zou de bank failliet gaan, dan heb je waarschijnlijk nog altijd recht op maximaal 100.000 euro compensatie per persoon. Hoe anders is dat met beleggen?

Als je nu ‘in de markt’ zit met een aandelenportefeuille, dan zijn er het afgelopen jaar wellicht wat momenten geweest waarop je had gehoopt dat je geld op een spaarrekening zou staan. De markt was erg beweeglijk. Je kon je vermogen met procenten tegelijk zien dalen, maar ook zien stijgen.

Onderzoek maakt duidelijk
Een onderzoek van Schroders, een grote Britse vermogensbeheerder, belicht het effect van grote beursdalingen. De onderzoekers van Schroders hebben een periode van zo’n 150 jaar nader bekeken. Ze hebben de koersen op de Amerikaanse aandelenbeurs geanalyseerd en vonden een aantal crises. Hun doel was om uit te vinden dat als de beurs met 25% of meer daalde (en dat kun je dan met recht een beurscrash noemen) hoe lang je als belegger moest wachten totdat je dat verlies had goedgemaakt en weer op nul stond. En zij vonden het interessant om dat te weten in twee situaties.

Wat bleek de beste reactie van beleggers?
Stel, de beurs crasht met meer dan 25% en je blijft gewoon zitten met die verliesposities, je doet niks en je wacht rustig af. Of, je verkoopt na de daling en zet het geld tijdelijk veilig op een spaarrekening. Na hoeveel jaar ben je dan weer terug bij het startvermogen? De eerste crisis die is onderzocht was die van 1877. De beurs crashte met 33%. Wie belegd bleef, moest twee jaar wachten totdat hij of zij weer op nul stond en zijn verlies dus had goedgemaakt. Wie in cash was gevlucht, moest zeven jaar wachten. In het lijstje van crashes komt het vaak voor dat je in een of twee jaar weer op het oude niveau terug bent met blijven beleggen en dat verkopen aanzienlijk langer kost. Extreem is de daling van 1929 die ervoor zorgde dat 80% van het kapitaal verdampte. Dat is nogal wat. Destijds duurde het maar liefst vijftien jaar om je geld weer terug te krijgen; bij sparen bleek dit zelfs 34 jaar te zijn. Dat is een complete generatie. Met de crises van 2001 en 2008 zagen we dat na ongeveer vijf jaar het kapitaal weer terug was op het uitgangsniveau. Wie in 2001 of 2008 verkocht heeft en in cash is gevlucht, wacht doorgaans nog steeds…

Wat betekent dit voor de huidige crisis?
De belegger die al belegt, kan zich rekenschap geven van de ervaringen van de afgelopen 150 jaar en dit meewegen in zijn beslissing voor de toekomst. Wie nog niet belegt en dit wel overweegt: doorgaans zijn instapmomenten na een forse daling niet verkeerd. Maar, in alles geldt: het valt of staat met gedegen kennis over waar je mee bezig bent en een gedegen financieel plan. Daarmee weet je wat je doel is, wat uit beleggingen nodig is om je doelen te verwezenlijken, hoe markten je kunnen helpen maar ook kunnen tegenzitten en wat een financieel plan doet.

Als je weet hoe het allemaal werkt, kun je met een geruster hart naar de toekomst kijken. Een gecertificeerd financieel planner geeft daarvoor het nodige inzicht.