Onze rol als uw onafhankelijk financieel adviseur is samen met u de beste financiële beslissingen nemen. Per persoon zijn deze beslissingen anders. En dat is logisch, want uw leven is anders dan die van uw buren, vrienden of familie.

Toch zien wij vaak vergelijkbare zaken bij onze klanten. Zo heeft bijna iedereen een verzekering nodig, sluit bijna iedereen een hypotheek af en bouwen de meeste klanten vermogen op via een beleggingsrekening. Dat laatste is nodig door de lage spaarrente, terugtrekkende overheid en behoefte aan een beter pensioen. Daarom kiezen veel van onze klanten voor een beleggingsrekening bij een vermogensbeheerder. Maar hoe levert beleggen via een vermogensbeheerder een beter resultaat op?

1. Ratio: Zelf beleggen kost u rendement
Eerder schreven wij vaak over het gevaar van emotie bij beslissingen over geld. We zijn allemaal vatbaar voor ons gevoel als het onrustig wordt op de beurzen. Of het nu gaat om een daling of juist een harde stijging. Vaak hebben we dan het gevoel dat we actie moeten ondernemen. Dit gevoel is vaak niet rationeel. Daarom vinden wij het verstandig om de beleggingskeuzes uit te besteden aan een partij die objectief naar uw situatie kijkt. Deze partij maakt overwogen keuzes op basis van ratio. Onderzoek van onder andere Vanguard (een grote Amerikaanse vermogensbeheerder) wijst uit dat beleggers die zelf keuzes maken, 1% tot 1,5% minder rendement per jaar maken. Vaak komt dit door verkeerde handelingen op het verkeerde moment.

2. Spreiding: Hoe profiteert u van een Nobelprijswinnaar?
Spreiding betekent dat specifieke gebeurtenissen weinig tot geen invloed hebben op het rendement. Een voorbeeld is een faillissement van een bedrijf. Stel dat een bedrijf omvalt, dan bent u als belegger uw geld kwijt. Belegt u in meerdere bedrijven, dan wordt uw verlies zoveel kleiner dat het slechts een kleine rimpeling is in het rendement. Een vermogensbeheerder zorgt doorlopend voor de goede spreiding. Door de portefeuille aan te passen en rekening te houden met de onderliggende bewegingsverbanden die er tussen beleggingscategorieën zijn. Dit laatste klinkt lastig en is het ook wel. Gewoon even een aandelenindex kopen en niets meer doen is te simpel. Een betere spreiding is mogelijk, waardoor uw risico acceptabel blijft, maar het resultaat verbetert. Professor Harry Markowitz deed hier jarenlang onderzoek naar en won een Nobelprijs. Door gebruik te maken van zijn efficiënte portefeuilletheorie wordt een portefeuille optimaal gespreid. Hierbij wordt dan rekening gehouden met het bewegingsverband (correlatie) tussen de verschillende beleggingscategorieën.

3. Discipline: Dit kan u 1,7% extra rendement opleveren
Een goed beleggingsrendement ontstaat ook door discipline. Met discipline bedoelen we: vasthouden aan uw strategie. Stel u gaat beleggen. Dan moet u een bepaalde beleggingsstrategie kiezen. Gaat u 100% in de aandelen? Of 50% in aandelen en 50% in obligaties? U kiest een beleggingsstrategie op basis van uw persoonlijke en financiële situatie. Hoe lang wilt u beleggen? Wat is uw doel? Hoeveel geld kunt u missen? En welk risico wilt u lopen? Om ‘discipline’ uit te leggen nemen we de 50/50 beleggingsstrategie als voorbeeld. In het jaar 2020 stegen de beurzen in de eerste 6 weken hard, dus met andere woorden: aandelen stegen. De beleggingsportefeuille groeide daardoor scheef. De portefeuille bestond nu opeens uit 70% aandelen en 30% obligaties. Klinkt positief, goedlopende aandelen, maar dat is het niet. U belegt namelijk niet voor niets in een beleggingsstrategie met 50% aandelen en 50% obligaties. Deze strategie past bij uw situatie. Discipline betekent dus dat een deel aandelen verkocht moeten worden en obligaties gekocht, zodat de portefeuille weer in balans is. Na deze 6 weken kwam er een beurscrash door de coronapandemie. De situatie was nu omgedraaid: aandelen daalden en obligaties stegen. Ook hierna moet de portefeuille weer in balans gebracht worden. Dit in balans brengen van de portefeuille gaat tegen onze natuur in. Want waarom zou je goedlopende aandelen of obligaties verkopen? Een vermogensbeheerder maakt deze strategische keuzes voor u. Dit gedisciplineerd in balans brengen van de portefeuille leverde vermogensbeheerders vaak een extra rendement op van zo’n 1,7%!

4. Kosten: Een vermogensbeheerder kost wat, maar levert ook wat op
Een vermogensbeheerder kost u geld. U betaalt namelijk voor het werk dat zij voor u doen. Levert een externe partij dan wel genoeg waarde voor de vergoeding die u hen betaalt? Onze ervaring is dat dit zeker zo is. Dit komt door een aantal zaken. Allereerst kunnen vermogensbeheerders vaak beter aankopen dan de doe-het-zelf belegger. Het is als inkopen als een groothandel. Een vermogensbeheerder krijgt soms dezelfde producten tegen lagere kosten. Daarnaast kiezen vermogensbeheerders waarmee wij werken zoveel mogelijk voor fiscale beleggingsinstellingen (FBI’s). Dit betekent dat u daarmee uw betaalde dividendbelasting kunt terugvragen. Dit is gunstig natuurlijk. Ook kan een vermogensbeheerder door betere spreiding, discipline en een doordacht beleggingsbeleid, een beter netto rendement behalen dan de index die u zelf zou kunnen kopen. Een laatste voordeel is dat u uw kostbare tijd aan iets anders kunt besteden dan het in de gaten houden van uw beleggingen. Dit is zeker geld waard. Net zoals sommige mensen een schoonmaker inhuren of een financieel adviseur 😉

5. Koers houden: Beleggen is geen doel op zich
Doordat u via ons bij een vermogensbeheerder belegt, krijgt uw belegging meer richting. Uw vermogensbeheerder zal in overeenstemming met ons uw portefeuille blijven aansluiten op uw situatie en uw wensen. Uw belegging is namelijk altijd onderdeel van een persoonlijk financieel plan. Beleggen is dus geen doel op zich en we zetten het alleen in als het past bij uw situatie. Wij  werken alleen samen met vermogensbeheerders die onze rol daarin erkennen. Dit zorgt dat uw vermogen op de juiste manier wordt opgebouwd en u niet te weinig of juist te veel risico neemt met uw belangrijke vermogen. Meerdere onderzoeken tonen aan dat beleggers die vermogen opbouwen via adviseurs en vermogensbeheerders tot wel 3,75% extra rendement kunnen krijgen!

Wilt u hierover in gesprek? Neem gerust vrijblijvend contact hierover op met ons.

Wie kent ze inmiddels niet, de Bitcoin, Ethereum of de Litecoin? Het zijn alle drie cryptocurrencies of cryptovaluta, digitale munten waarmee je veel geld kunt verdienen of verliezen. Wat is het precies en hoe kun je ermee omgaan?

We kennen allemaal het begin van het verhaal. In mei 2010 werd er voor 20.000 bitcoin (BTC) een pizza gekocht. De pizza kostte omgerekend 25 Amerikaanse dollar. Wie vandaag de dag 20.000 BTC heeft, is multimiljonair. De koers fluctueert zo’n beetje iedere seconde, maar een waarde van € 39.000 is een prijs voor 1 BTC die de afgelopen weken is gerealiseerd. 20.000 BTC zou vandaag dus € 740 miljoen waard zijn. Achteraf een dure pizza…

Wat is een cryptovaluta?

Inmiddels zijn er duizenden digitale munten. De Bitcoin is verreweg de meest verhandelde munt. Er is voor ongeveer 822 miljard dollar aan Bitcoins in de wereld. De nummer 2, Ethereum, heeft 346 miljard, Uniswap, nummer 10 van dit moment, heeft een totaal van 15 miljard dollar aan digitale munten wereldwijd. Een digitale munt is een rekeneenheid in de blockchain, de keten van automatische computerhandelingen die vastlegt wat een digitale munt is, hoeveel ervan zijn en welke transacties er plaatsvinden. Er is dus nergens een fysieke munt of een fysiek bankbiljet, er ligt ook nergens een hoopje goud als tegenwaarde.

De bekendste, de Bitcoin, dankt zijn waarde alleen aan het gebruik, aan vraag en aanbod. Verder is het lucht. Sommige andere munten zijn gekoppeld aan een project of een bedrijf, zodat er nog iets van een extra waarde kan zijn. Die munten lijken dan een beetje op aandelen in een bedrijf, soms is dat ook zo.

Wat is blockchain?

Om met digitale munten te kunnen werken is er onderliggend een blockchain nodig. Een blockchain is een ‘keten van blokken’ met informatie, een soort keten van computerprogramma’s. In de blockchain kun je van alles vastleggen. Je kunt een bepaalde koop of verkoop administreren, je kunt een transportverzekering afsluiten, je kunt er in vastleggen dat je een eigen digitale munt gaat uitgeven of je kunt er bestaande digitale munten in verhandelen. De blockchain is soms een fabriek die van alles maakt, soms een snelweg waarover alles loopt.

Belangrijk: doordat heel veel computers via het internet aan elkaar zijn gekoppeld en toestemming moeten geven voor een bepaalde actie, kan er niet of nauwelijks mee gemanipuleerd worden. En dat maakt een proces dat via de blockchain loopt veiliger, transparanter en sneller.

Hoe kun je crypto’s kopen en verkopen?

Om rechtstreeks in bijvoorbeeld Bitcoin te kunnen handelen, heb je een ‘wallet’ nodig, een online portemonnee. Je opent een soort online bankrekening. Dat doe je bij bekende partijen als Binance, Coinbase, Kraken of een kleinere, minder bekende wallet. Je stort daar vanaf je Nederlandse bankrekening of via een creditcard euro’s of dollars op en die worden omgezet in bijvoorbeeld Bitcoin. Het overboeken van Bitcoin loopt vanaf je saldo bij zo’n wallet. Een ‘bankrekening’ is dan een opsomming van letters en cijfers geworden. En een overboeking gaat razendsnel en goedkoop. Alles is digitaal en gaat realtime, al zie je nog wel vertragingen onderweg.

Is het veilig?

Wat is veilig? Blockchain als zodanig is veilig, want duizenden computers zorgen ervoor dat een transactie veilig verloopt. De onveiligheid zit meer in andere aspecten. Allereerst je wachtwoord. Ben je dat kwijt, dan ben je ook je saldo kwijt. Het is allemaal zo goed beveiligd (en anoniem) dat je niet even makkelijk een vergeten wachtwoord kunt opvragen. En is een wallet veilig? Niet altijd. Er zijn voorbeelden van fraude, waarbij een wallet zomaar verdwenen is. Een grote, betrouwbare partij is dus geen luxe.

Is het risicovol?

En dan de waarde, die is niet stabiel. De Bitcoin bijvoorbeeld staat nu rond de 39.000 euro, maar heeft ook al boven de 50.000 euro gestaan. Vorig jaar was dat nog 10.000 euro. Of de koers naar 100.000 euro gaat of naar 1.000 euro, is niet te voorspellen. Optimisten geloven in de kracht van de Bitcoin als een nog veel meer gebruikt betaalmiddel, waardoor de vraag toeneemt en de koers stijgt. Vooralsnog hebben ze het gelijk aan hun kant.

Kunnen we meer zeggen over de toekomst?

Een land als El Salvador wil de Bitcoin als wettig betaalmiddel toestaan. En grote bedrijven accepteren de Bitcoin als betaalmiddel. Pessimisten vinden dat de Bitcoin alleen lucht is en dat overheden met eigen antwoorden, eigen digitale munten, gaan komen, waardoor de Bitcoin overbodig zou worden.

Ga jij investeren in crypto?

Wie in cryptovaluta wil beleggen, kan dit dus rechtstreeks doen via een ‘wallet’. Hier is totaal geen financieel toezicht op. Beleggen in cryptovaluta kan ook op een gereguleerde beurs door trackers of ETF’s te kopen. Dat zijn in feite een soort beleggingsfondsen die onder normaal toezicht staan. Of je in aandelen, obligaties, goud, vastgoed of crypto’s belegt, maakt dan niet uit. Raak je hier een wachtwoord kwijt, dan zal dat minder erg zijn. De crypto’s zijn namelijk niet in je eigen bezit, want je hebt een beleggingsfonds.

De vraag is dan wel: is dit beleggen of speculeren? Een belegger investeert doorgaans voor de langere termijn en een speculant probeert juist in te spelen op de koersbewegingen om op korte termijn rendement te behalen. Naarmate de voorgeschotelde rendementsverwachting hoog is, is doorgaans ook het risico hoog.

Een gecertificeerd financieel planner helpt je graag te bepalen of beleggen in of speculeren met crypto’s geschikt is in jouw financiële situatie.

De laatste weken is er veel verschenen in de pers over een mogelijke beurscrash. Eens in de zoveel tijd is de beurs toe aan een correctie en soms is dat een crash. Wat moet je doen als je een beurscrash verwacht?

Wat is een correctie en wat is een crash?
Het is algemeen bekend dat een aandelenbeurs met haar koersen geen rechte lijn kent, de beurs heeft ups-and-downs. Een koersval van enkele procenten in een dag kan gemakkelijk gebeuren. Wie een aandelenportefeuille van 10.000 euro heeft, kan dus gemakkelijk zijn portefeuille honderden euro’s in waarde zien dalen. Dat is niet leuk, maar de wetmatigheid van de beurs laat zien dat dit vaak tijdelijk is.

De volgende dag of de volgende week kan dit ‘papieren verlies’ al weer zijn goed gemaakt. Hoewel iedereen hier een andere mening over kan hebben, is een gangbare benadering dat een val van maximaal 10% een correctie heet en dat een verlies van rond de 20% of 30% in een aantal dagen of weken een crash wordt genoemd.

Is de geschiedenis ook de toekomst?
De geschiedenis laat zien dat een beurscrash vaak samenvalt met een onverwachte gebeurtenis, een gebeurtenis die bijna niemand van tevoren heeft zien aankomen of heeft voorspeld. Deze gebeurtenissen hebben vaak een enorme impact op de wereld en zijn veelal schadelijk voor de welvaart. De huidige corona-crisis zou dus kunnen leiden tot een crash. Maar geschiedenis wil niet zeggen dat de toekomst er exact zo uitziet. Het is altijd weer net even anders.

Maar wat kan je doen als je toch een beurscrash verwacht? Kan je je hier wel tegen wapenen? Belangrijk is terug te gaan naar de basisvragen bij beleggen.

Past beleggen wel bij jou?
Allereerst, beleggen moet bij je passen. Zowel emotioneel als financieel. Als je wakker ligt van een mogelijke koersval en je leven wordt er door bepaald, is beleggen waarschijnlijk minder geschikt voor je. Heb je het geld meteen of op korte termijn nodig, ook dan: beleg niet. Beleggen is voor diegene die emotioneel kan overzien dat aandelenkoersen nu eenmaal fors kunnen bewegen en die het financieel aan kan een lange periode niet om te kijken naar zijn belegde vermogen.

Onderzoek van Fidelity
Fidelity, heel wat jaren geleden één van ’s werelds grootste beleggers, liet zien dat als je in 1980 10.000 Amerikaanse dollar had geïnvesteerd en je had nooit bijgekocht en nooit verkocht, je dan na veertig jaar ruim 697.000 Amerikaanse dollar aan waarde zou hebben gezien. Zou je ieder jaar wel hebben gekocht en verkocht en net de vijf beste beursdagen hebben gemist, dan zou dit bedrag slechts 432.000 dollar zijn geweest. En zou je de vijftig beste dagen hebben gemist (dan handel je zo’n beetje iedere week en ben je een erg actieve belegger) dan zou dit slechts 48.000 dollar zijn geweest na veertig jaar. En had je door heel veel te handelen en actief in en uit de markt te stappen bijna 650.000 dollar aan waarde hebben laten liggen.

Wat wil Fidelity ons met die cijfers vertellen?
Dat het belangrijk is dat je niet te veel handelt en niet teveel doet aan stockpicking (dit is het selecteren van aandelen waarvan een goed rendement wordt verwacht). Het is razend moeilijk om de juiste keuzes te maken. Dat geldt voor professionals, maar nog meer voor mensen die geen directe toegang tot informatie hebben en afhankelijk zijn van wat er in de pers verschijnt. De cijfers van Fidelity zijn dan ook gebaseerd op een hele index, namelijk de 500 aandelen die in Standard and Poor’s 500 zitten.

Daarmee zien we een tweede boodschap die heel belangrijk is: spreiding
Ook spreiding kan niet voorkomen dat je (tijdelijk) verlies lijdt. Markten als geheel gaan nu eenmaal omhoog en omlaag, over de hele breedte. Spreiding zorgt er wel voor dat je als belegger niet bent overgeleverd aan één of een paar bedrijven, met wie het misschien toevallig veel minder goed gaat dan het hele mandje van 500 bedrijven in dit geval.

De geschiedenis leert ons dat ‘timing’ structureel niet mogelijk is. Wie overweegt te beleggen of al in de markt zit, dient zich af te vragen wat voor belegger hij of zij is. Die keuze is het belangrijkste, een gecertificeerd financieel planner helpt bij het beantwoorden van die vraag. De vraag hoe te beleggen, wordt dan logischerwijs beantwoord na die basisvraag. En daar hoort dan weer veel marktinformatie bij. Want kennis is macht. Ook bij beleggen. Of er een beurscrash komt, is dan opeens niet meer zo relevant. Wel of beleggen bij je past en zo ja, hoe je dit het beste kunt inzetten voor je persoonlijke doelen. Interesse? Neem eens vrijblijvend contact op met een financieel adviseur.

Als 2020 het jaar van het virus is, dan is 2021 het jaar van de vaccins.

Financiële markten rekenen er op, dat voor de zomer er sprake kan zijn van een terugkeer naar normaal, hoewel de huidige stand van zaken rondom corona nog veel onzekerheid geeft. Er is wel veel geld beschikbaar bij consumenten door spaaroverschotten wat vroeg of laat een flinke impuls aan de economie moet kunnen geven. Een belangrijke vraag is of de inflatie gaat oplopen en welke uitwerking dat heeft op de rentestand. Het meest waarschijnlijke scenario is dat inflatie gaat toenemen maar de rente niet in dezelfde mate. Dat is op zichzelf niet direct slecht nieuws voor aandelenmarkten maar wel slecht voor obligaties en spaargeld vanwege de reële geldontwaarding.

Wat te doen met obligaties (en spaargeld) is dan ook een thema waar wij veel aandacht voor hebben. Eenvoudige antwoorden zijn er niet. Je kunt het toenemende risico dat hangt aan obligaties, door de uiterst lage of zelfs negatieve rendementen, niet zo maar afwentelen door meer in aandelen te gaan beleggen. Deze beleggingscategorie brengt nu eenmaal weer meer risico met zich mee. Een andere weg is door meer te spreiden over andere bronnen van rendement met de toevoeging van bijvoorbeeld alternatieve fondsen. Bredere spreiding is dan ook ons antwoord op de vraag naar risicobeperking.

Wat is voor u nu het beste? Graag kijken wij met u mee naar mogelijke oplossingen die goed aansluiten bij uw persoonlijke wensen. Neem hiervoor eens vrijblijvend contact op!

De meeste slechte beleggingsresultaten worden veroorzaakt door verkeerde emotionele keuzes. De rol van de adviseur is daarom om klanten te coachen naar het behalen van hun doel(en). En met name in onrustige tijden, privé maar dus ook bij onrust in de wereld, zorgt de adviseur dat zij op het juiste pad blijven.

Het coronavirus

De beurs kan ik niet voorspellen, maar ik durf wél met 100% zekerheid te zeggen dat u over dit virus heeft gehoord. De impact op de Chinese economie is groot zoals u zult verwachten. Eind januari 2020 zorgde het virus ervoor dat de AEX met zo’n 2,5 procent zakte. En daarna volgden nog veel grotere dalingen. Dit maakt veel beleggers onrustig. En wat doen beleggers die geen goede begeleiding hebben? Juist. Zij maken verkeerde keuzes. Ze verkopen hun aandelen op lage koersen. En trekt de markt weer aan? Dan kopen ze weer bij. Op hoge koersen. Hierdoor maken ze dus veel kosten en verliezen ze rendement.

Vermogensbeheerders zien dit gedrag bij hun eigen klanten

In het verleden deden vermogensbeheerders onderzoek naar de beleggingsprestaties van hun klanten. Wat bleek? Klanten die simpelweg waren vergeten dat ze een beleggingsrekening hadden (en heel crue… overleden klanten), haalden betere beleggingsresultaten dan actieve beleggers. Een bijzondere constatering!

Mijn advies

Belegt u? Vergeet het! Het deel van de ‘overleden klanten’ in het onderzoek was niet waar, maar de boodschap blijft nog steeds; oogjes dicht, snaveltjes… nou ja… toe… Als adviseur vliegen de statistieken je nu om de oren. Vergelijkingen met de uitbraak van SARS of Ebola. Wat was de impact van het virus? Hoe herstelde de economieën zich toen? Enzovoorts, enzovoorts.

Hebben we iets aan die informatie? Nee. U belegt voor de lange termijn en u heeft een duidelijk doel voor ogen. Houd dat doel vast en mijd ondertussen dit soort nieuws. En laat uw belegde vermogen beheren door de specialisten!

Hoe zorgen we samen dat u het rendement haalt dat u nodig heeft? Wat is een gouden tip om te zorgen dat u minder last heeft van beursdalingen?

Om uw financiële doelen te halen, heeft u een goede beleggingservaring nodig. Onderzoek toont namelijk aan dat mensen die onrust hebben over hun beleggingen, slechtere beleggingsresultaten halen (onderzoek door DALBAR). Hoe minder stress iemand ervaart, hoe minder vaak gehandeld wordt op basis van emotie. De kans op een hoger rendement is daardoor groter en het behalen van uw doelen ook. Zo is het cirkeltje weer rond.

Wat is dan de grote truc om betere beleggingsresultaten te halen?
Het is simpel. Ga maandelijks een vast bedrag inleggen! Oftewel: periodiek inleggen. Dit kan al vanaf 100 euro per maand. Periodiek inleggen zorgt ervoor dat u profiteert van het zogenaamd ‘gemiddeld aankopen’. Omdat u beleggingen aankoopt voor hoge én lage prijzen op willekeurige momenten, betaalt u een gemiddelde prijs voor uw aandelen. Zou u in één keer voor een hoger bedrag aandelen aangekocht hebben, terwijl de koersen hoger staan (en de aandelen dus duurder zijn)? Dan krijgt u minder waar voor uw geld. Maar is het dan niet duurder om elke maand aandelen aan te kopen in plaats van alles in één keer? U betaalt tenslotte telkens élke maand weer aankoopkosten.
Het antwoord is gelukkig ‘nee’. Stel u heeft 1.200 euro om te beleggen en over dit bedrag worden aankoopkosten gerekend van laten we zeggen 1%. Koopt u in één keer beleggingen aan van deze 1.200 euro? Dan betaalt u 1% aankoopkosten, dus 12 euro. Verdeelt u deze 1.200 euro over een heel jaar? Met andere woorden: u legt periodiek in. Dan betaalt u elke maand 1% aankoopkosten over 100 euro. Dus 1% x 100 x 12 = 12 euro. De aankoopkosten blijven in totaal dus hetzelfde.

Ook dit is handig aan periodiek inleggen
Door automatisch een vast bedrag in te leggen, haalt u de emotie uit uw aankoopbeslissing. Uw beleggingservaring wordt daardoor beter, want u ziet minder snel een daling in uw portefeuille. Ik zal dit uitleggen. U heeft twee mogelijkheden:
1. Eenmalig 2.400 euro inleggen
2. Eenmalig 1.200 euro inleggen en dan maandelijks 100 euro storten. Dus in totaal ook 2.400 euro.

Dit zijn uw resultaten:

U ziet dat de periodieke inleg (de blauwe lijn) u een perceptievoordeel geeft. In de grafiek ziet u een mooie opgaande blauwe lijn. Dit voelt natuurlijk een stuk prettiger. Ondanks een negatief rendement van -10% in de eerste maand, stijgen uw beleggingen. Elke maand komt er namelijk weer 100 euro bij. De andere oranje lijn ziet er minder rooskleurig uit, want die is vlakker. U ziet pas na tien maanden een positief resultaat.

Nóg een voordeel van periodiek inleggen
Met periodiek inleggen voegt u automatisch discipline toe aan uw beleggingsplan. Waarom? Met een automatische incasso legt u vanzelf in. Dit betekent dat het geen moeite kost om bij te storten en elke storting brengt u dichterbij uw doel. Het is makkelijker vol te houden dan wanneer u bewust moet besluiten om bij te storten. Irrelevante zaken als: de stand van de beurs of berichten over Trump zorgen dan vaak voor twijfel, en dus uitstel. En geloof me, u kunt van tevoren bedenken dat u rationeel omgaat met zulke nieuwsberichten. Maar toch… als het daadwerkelijk gebeurt komt er altijd emotie bij kijken.

Kortom
Periodiek beleggen zorgt in het begin voor een goed gevoel en discipline. Dit is nodig om ervaring op te doen als belegger. Daarnaast zorgen de extra stortingen voor een grotere kans op het behalen van uw doelvermogen.

Eén nadeel moet ik overigens wel benoemen.
Stel, u heeft een aanzienlijk bedrag om te beleggen. In plaats van dat u dit bedrag in één keer inlegt, gaat u dit grote bedrag maandelijks inleggen. U profiteert daardoor minder van de kracht van de beurs. Hoe zit dit? Beleggen doet u voor de lange termijn. En hoe langer uw vermogen kan profiteren van rente op rente, hoe hoger het verwachte eindbedrag wordt. Als uw vermogen dus langs de zijlijn staat te wachten, dan levert het vaak op termijn minder op.

Ik kan u helpen om hierin slimme keuzes te maken. Wilt u meer weten over succesvol vermogen opbouwen en het bereiken van financiële doelen? Neem vooral contact op met mij. Samen zoeken we uit hoe we uw vermogen strategisch het beste kunnen inleggen om een mooi beleggingsresultaat te krijgen.

 

Wie belegt, neemt risico. Dat mag duidelijk zijn. Als je belegt, neem je op een bepaalde manier deel aan de economie en de economie kent nu eenmaal zijn ups en downs. Wie spaart neemt ook deel aan de economie, maar staat langs de zijlijn. Wie spaart krijgt een vergoeding voor geld dat hij of zij beschikbaar stelt aan de bank en de bank gaat met dat geld aan de slag. In principe loop je geen risico, als de bank in kwestie niet failliet gaat. En zelfs als zou de bank failliet gaan, dan heb je waarschijnlijk nog altijd recht op maximaal 100.000 euro compensatie per persoon. Hoe anders is dat met beleggen?

Als je nu ‘in de markt’ zit met een aandelenportefeuille, dan zijn er het afgelopen jaar wellicht wat momenten geweest waarop je had gehoopt dat je geld op een spaarrekening zou staan. De markt was erg beweeglijk. Je kon je vermogen met procenten tegelijk zien dalen, maar ook zien stijgen.

Onderzoek maakt duidelijk
Een onderzoek van Schroders, een grote Britse vermogensbeheerder, belicht het effect van grote beursdalingen. De onderzoekers van Schroders hebben een periode van zo’n 150 jaar nader bekeken. Ze hebben de koersen op de Amerikaanse aandelenbeurs geanalyseerd en vonden een aantal crises. Hun doel was om uit te vinden dat als de beurs met 25% of meer daalde (en dat kun je dan met recht een beurscrash noemen) hoe lang je als belegger moest wachten totdat je dat verlies had goedgemaakt en weer op nul stond. En zij vonden het interessant om dat te weten in twee situaties.

Wat bleek de beste reactie van beleggers?
Stel, de beurs crasht met meer dan 25% en je blijft gewoon zitten met die verliesposities, je doet niks en je wacht rustig af. Of, je verkoopt na de daling en zet het geld tijdelijk veilig op een spaarrekening. Na hoeveel jaar ben je dan weer terug bij het startvermogen? De eerste crisis die is onderzocht was die van 1877. De beurs crashte met 33%. Wie belegd bleef, moest twee jaar wachten totdat hij of zij weer op nul stond en zijn verlies dus had goedgemaakt. Wie in cash was gevlucht, moest zeven jaar wachten. In het lijstje van crashes komt het vaak voor dat je in een of twee jaar weer op het oude niveau terug bent met blijven beleggen en dat verkopen aanzienlijk langer kost. Extreem is de daling van 1929 die ervoor zorgde dat 80% van het kapitaal verdampte. Dat is nogal wat. Destijds duurde het maar liefst vijftien jaar om je geld weer terug te krijgen; bij sparen bleek dit zelfs 34 jaar te zijn. Dat is een complete generatie. Met de crises van 2001 en 2008 zagen we dat na ongeveer vijf jaar het kapitaal weer terug was op het uitgangsniveau. Wie in 2001 of 2008 verkocht heeft en in cash is gevlucht, wacht doorgaans nog steeds…

Wat betekent dit voor de huidige crisis?
De belegger die al belegt, kan zich rekenschap geven van de ervaringen van de afgelopen 150 jaar en dit meewegen in zijn beslissing voor de toekomst. Wie nog niet belegt en dit wel overweegt: doorgaans zijn instapmomenten na een forse daling niet verkeerd. Maar, in alles geldt: het valt of staat met gedegen kennis over waar je mee bezig bent en een gedegen financieel plan. Daarmee weet je wat je doel is, wat uit beleggingen nodig is om je doelen te verwezenlijken, hoe markten je kunnen helpen maar ook kunnen tegenzitten en wat een financieel plan doet.

Als je weet hoe het allemaal werkt, kun je met een geruster hart naar de toekomst kijken. Een gecertificeerd financieel planner geeft daarvoor het nodige inzicht.

De dalingen op de beurs zijn nu al heftiger dan tijdens de kredietcrisis, een goede tien jaar geleden. Waar toen verkeerd verstrekte kredieten wereldwijd zorgden voor een forse correctie van de economie, is het nu het in sommige gevallen volledig stilvallen van sectoren die voor de enorme koersdalingen zorgt. En dan komen de beurswijsheden weer boven drijven. Als je geschoren wordt, moet je stil zitten. Als er bloed vloeit door de straten moet je beleggen. Cash is King. Ze hebben alle drie een kern van waarheid, maar wat kunt u er mee?

Laten we beginnen met Cash is King. Geld op de bank hebben staan is rijkdom. Geld kunt u in normale situaties gebruiken om uw uitgaven te dekken. Als we naar het bedrijfsleven kijken is dat waar het nu om draait: uitgaven kunnen blijven doen. Bij veel zzp’ers en mkb-bedrijven zien we een te lage buffer, wat betekent dat ze gebruik zullen moeten maken van de maatregelen die de overheid heeft afgekondigd. Namelijk uitstel van belasting, extra krediet en misschien een bijstandsuitkering. Hoe zit dat met de grote, beursgenoteerde ondernemingen? In het Financiële Dagblad (FD) van dinsdag staat een artikel over de buffers van de grote Nederlandse beursgenoteerde ondernemingen. De top-10 heeft, eind 2019, gemiddeld meer dan een miljard aan geld op de rekening staan. Shell spant de kroon met 16 miljard reserve en ASML is een goede tweede met bijna 5 miljard. Philips zit er met anderhalf miljard ook warmpjes bij. Uiteraard zegt dit nog niets over de mogelijke omzetten en de te verwachten kosten in de komende maanden. Het FD heeft wel aangegeven hoe de verhouding tussen buffer en gerealiseerde winst in 2019 is. De top-10 heeft ten opzichte van vorig jaar ongeveer één keer de jaarwinst op de rekening staan. Zou de omzet zo terugvallen dat er geen winst meer gemaakt zou worden gedurende twaalf maanden, dan zouden deze bedrijven prima kunnen overleven. Als er verlies gaat ontstaan is het een ander verhaal. Maar de buffer is dus fors. Dat geeft aan hoe goed deze bedrijven ervoor staan. Cash is King.

En persoonlijk, is Cash dan ook King?
Daar geldt uiteraard precies hetzelfde. Wie, als het inkomen daalt en de uitgaven doorlopen, nog een jaar kan interen op zijn vermogen totdat het geld op is, heeft in ieder geval leefruimte. Maar er speelt ook iets anders, als we het hebben over ‘cash is King’. Als u geld hebt, kunt u nu effecten kopen. Deze koopt u dan op een lagere koers dan vier weken geleden. Voor wie een buffer achter de hand heeft, ontstaan er nu mogelijke kansen op de effectenmarkt. Uiteraard moet goed bekeken worden met welk deel van de bestaande buffer belegd kan worden, rekening houdende met persoonlijke financiële situatie, mogelijke looptijd en risicoprofiel.

Als je geschoren wordt, moet je stil zitten…
Deze oude beurswijsheid kennen veel mensen, maar weinigen houden zich hieraan. Emotie is de oorzaak. In dit soort tijden van crisis is ook altijd weer de cyclus van emotionele beslissingen zichtbaar. Als de koersen stijgen wil niemand de boot missen en is de belegger bereid om steeds hogere prijzen te betalen voor een aandeel. De winst gaat immers omhoog, dus een hogere koers is volkomen logisch. Echter, de beurs overdrijft altijd en ook emoties overdrijven. Euforie op de beurs is goed voor wie verkoopt, maar niet voor degene die koopt. Die betaalt steeds hogere prijzen. Bij de bekende emotionele grafiek hoort vaak ook onderliggend het toenemend handelsvolume. Méér mensen kopen méér aandelen. Totdat de vraag opdroogt. Eerst is er dan nog het gevoel van een kleine, logische correctie. Het zal allemaal wel meevallen. Dan wordt er serieus overwogen om maar te verkopen, want de koersen zakken nu wel heel erg. En vervolgens is het gevoel dat het nooit meer goed komt en is er blinde paniekverkoop. De partijen die verkopen zijn dan ofwel gedwongen verkopen of particulieren die verkopen. De kopers zijn enkele particulieren en veel instituten die geld hebben. Want zij kopen goedkoop. Kan men altijd op het laagste niveau kopen? Nee. Common sense is wel dat als de koersen al 35% zijn gedaald, dat er misschien nog meer af kan, maar dat deze luchtbel inmiddels is geknapt. Zit u nog in de markt, dan is nu het moment om te overwegen bij te kopen. Zit u nog niet in de markt, dan zou er nu wel eens een koopmoment kunnen aankomen. Ook in deze situatie geldt dat hierbij rekening dient te worden gehouden met uw persoonlijke financiële situatie, mogelijke looptijd en risicoprofiel.

Als het bloed door de straten vloeit…
Deze uitspraak is best hard. Het komt er op neer, dat de beste kansen zich voordoen in tijden van crisis. Alleen u moet wel een aantal zaken weten. Wat is er bijvoorbeeld gebeurd in vorige crisis? Hoe lang hebben die geduurd? Hoe erg was de beursdaling bij zo’n crisis? De grote depressie van de jaren dertig van de vorige eeuw duurde 34 maanden tot het dieptepunt, er ging 83% van de waarde verloren. Tot 1929, het jaar van de grote daling, had de beurs in Amerika 44 maanden van een opgaande markt gehad. Volgens recent onderzoek was dit de langste in de afgelopen honderd jaar. Hierna volgen de internetcrisis van begin deze eeuw (25 maanden) en de kredietcrisis rond 2009 (16 maanden). Bij de internetcrisis verloren de Amerikanen 45% aan de waarde, in de kredietcrisis zo’n 50%. De opgaande markten duurden meestal tussen de 120 maanden en 180 maanden, dus tussen de tien jaar en vijftien jaar. Neergaande markten duurden dus in de afgelopen honderd jaar maar een fractie van de periode van opgaande markten; de daling aan het begin was vaak fors (1.000 dollar was in het ergste geval nog maar 170 dollar waard, jaren dertig).

Wat leert de geschiedenis ons? Uitgaande van een wereldeconomie die tijdelijk voor een groot deel tot stilstand is gekomen, maar niet fundamenteel is veranderd, zouden we mogen stellen dat als straks de maatregelen opgeheven worden, alles weer gaat lopen. Dat wil zeggen: dan herstellen de winsten zich waarschijnlijk weer. Vervolgens kunnen ook de koersen zich mogelijk weer herstellen, om weer naar een normale opgaande markt te gaan. Wie weet hoe de wereld er dan uitziet!

Wie deze historie kent en de onderliggende waarden omarmt, ziet dus kansen om te beleggen. En wie nu geld heeft is in de gelukkige positie die kansen te wegen en te benutten. Een FFP Financieel Planner kan u begeleiden in het denkproces, kan de onderliggende gegevens aanreiken, kan met u berekenen wat uw persoonlijke doelvermogen is en kan met u sparren hoe u gebruik kunt maken van de mogelijkheden die nu voor u openstaan.